Bij het beschouwen van de staat van onze provincie moeten we constateren dat we op economisch gebied Overijssel het etiket “zorgelijk” voorbij is en dat we kunnen stellen dat het buitengewoon slecht gaat. De situatie is bijzonder ernstig. Met een werkloosheidscijfer rond de 8 procent doen wij het slechter dan het landelijke gemiddelde. In Twente is de situatie beduidend erger, en komt de werkloosheid dichter bij 10%. Die is zoals altijd geconcentreerd in de steden maar ook gemeenten waar nauwelijks werkloosheid was zien zich geconfronteerd met groeiende problemen. Dat treft bepaalde groepen erger dan anderen. In Twente is de jeugdwerkloosheid gestegen met 16,5% procent. Dat zijn bijna Zuid-Europese cijfers en wij lopen een serieus risico op een verloren generatie. De regio Zwolle, een van de economische motors van onze provincie –waar het tot voor kort relatief goed ging- heeft een van de sterksts groeiende werkloosheidspercentages van het land.
Het aantal faillissementen in de provincie is zeer hoog, mede door de problemen in de bouw. Per dag gaan in onze provincie 3 tot 4 bedrijven over de kop. De toekomstverwachtingen van ondernemers zijn negatief. Zijn zien voorlopig geen einde aan de crisis en zien af van investeringen, laat staan dat ze overwegen meer mensen in dienst te nemen. Experts spreken van een voortzetting van de crisis tot zeker 2017, zo niet veel langer.
Dit betekent voor ons, als grootste geldschieter in de regio, dat wij zorgvuldig moeten kijken welke uitgaven de grootste banenwinst opleveren, op korte termijn. Bijvoorbeeld niet massale wegenbouw in een tijd dat het autoverkeer eerder afneemt dan toeneemt, terwijl er in de provincie nog nauwelijks een woning gebouwd wordt, waar wel behoefte aan is, en bibliotheken, culturele instellingen en sociale voorzieningen links en rechts sluiten. Wij vinden het vooral onbestaanbaar dat wij blijven inzetten op nieuw asfalt, terwijl de lange termijnkosten nog altijd onbekend zijn. Wij zullen hierover dan ook een motie indienen.
Dat betekent ook niet nog meer geld steken in een prestigeproject waarvan de banenopbrengst op zijn zachtst gezegd dubieus is. Ik spreek hierbij natuurlijk over de Luchthaven, maar daarvoor zal een andere partij met een motie komen.
De crisis lijkt haar grootste aanmoediger te vinden in dit kabinet van VVD en PvdA, dat alles uit de kast lijkt te proberen te halen om de crisis te verzwaren en te verlengen. Koopkrachtverlies, massale bezuinigingen met als gevolg banenverlies en de ene asociale maatregel na de andere. Een kabinet dat er in slaagt tegelijkertijd de vakbonden en de ondernemersorganisaties van zich te vervreemden heeft wel een indrukwekkende prestatie geleverd, maar geen positieve. Daar komt nog bij dat wij in het Oosten erger getroffen worden. We zagen dat in het ronduit dwaze besluit om de klinieken in Veldzicht en Oldenkotte te sluiten. Dergelijke dingen kun je misschien verwachten van een Randstadgericht kabinet als het huidige, maar dat maakt het niet minder onaangenaam.
Naast onze burgers worden ook de gemeenten zwaar getroffen door het kabinetsbeleid. Zij zien zicht geconfronteerd met een grote uitbreiding van taken, en een forse afname van de middelen, waardoor de uitvoering zeer onder druk zal komen te staan. Bij de sociale werkplaatsen spreekt het kabinet inmiddels openlijk van een “sterfhuisconstructie”. Ik vraag u na te denken wat deze sterfhuisconstructie op termijn betekent voor de doelgroep van de Larcom, de DWC, de WEZO. Overigens heeft de VNG zelf op haar congres –in deze stad nota bene- een motie aangenomen dat bij beschut werk niet meer dan het minimumloon moet worden uitgekeerd. Ik zou graag van deze plek willen zeggen dat gemeenten die daar voor hebben gestemd zich zouden moeten doodschamen.
De uitvoering van de decentralisaties op gemeentelijk niveau moet ons zorgen maken. Daarvan was gisteravond een sterk staaltje te zien op Nieuwsuur dat erop wees dat Deventer de thuiszorg, inclusief medische handelingen wil laten verrichten door vrijwilligers en werklozen. Een belediging voor zorgprofessionals, een aderlating voor de werkgelegenheid en een enorme bedreiging voor de kwaliteit van zorg. Waanzin heerst aan de IJssel. Het enige voordeel is dat Deventer niet langer alleen bekend zal staan als de stad met dat idiote stadskantoorplan, maar ook als de stad met dat idiote thuiszorgplan. Zo wordt de reputatieschade nog een beetje verdeeld.
De decentralisatie van de jeugdzorg moet ons in dit kader ook verontrusten. Wie spreekt met professionals, met ambtenaren, met cliënten, hoort zeer wisselende verhalen over de mate waarop gemeenten voorbereid zijn op de overdracht. Tot het moment van transitie is de Jeugdzorg onze verantwoordelijkheid en wij zullen dan ook een motie indienen om GS te vragen de volksvertegenwoordiging te informeren over de mate waarop de gemeenten voorbereid zijn op de overdracht.
Voorzitter, een andere sector waar het moeizaam gaat is op het gebied van de regionale media. Dat is, met uitzondering van RTV Oost, niet onze primaire verantwoordelijkheid. Toch moet de afkalving van bijvoorbeeld regionale kranten ons grote zorgen baren: sterke onafhankelijke media zijn immers onontbeerlijk voor het functioneren van de democratie. Wij stellen niet voor om de rekening te betalen voor het wanbeleid van de firmas Mecom en Wegener, maar een visie over hoe wij in de toekomst de rol van de media zien in de regio lijkt ons zinvol.
Ten slotte, een oud voorstel dat terugkomt. Wij hebben hier in het verleden al gepleit voor de inzet van middelen voor het tegengaan van antibioticagebruik in de intensieve landbouw, iets dat grote volksgezondheidsrisico’s met zich meebrengt. Wij ondervonden sympathie voor het idee, maar geen bereidheid om de middelen er aan te koppelen. Daarom nu een motie om binnen ons bestaand innovatiebeleid op het gebied van agrofood dit een eerste prioriteit te maken.
